Taalkwesties die mij als tekstschrijver opvallen

Taalkwesties die mij als tekstschrijver opvallen

Bijgewerkt op 22 augustus 2018

Als tekstschrijver en copywriter (nee, dat is niet hetzelfde) ben je veel met taal bezig. Ik schrijf en ik redigeer. Vooral bij dat laatste kom je natuurlijk vaak taalfouten tegen. Die verbeter ik dan, uiteraard. Dat is mijn werk. Opvallend is het wel dat je naast kromme zinnen en moeilijk taalgebruik steeds dezelfde fouten tegenkomt. Of fouten… dat zijn het ook weer niet allemaal. In ieder geval zijn het dingen die me opvallen. Een aantal telkens terugkerende eigenaardigheden wil ik hier met jullie bespreken.

taalfouten

Welke als betrekkelijk voornaamwoord

Dit is een hardnekkige en tegelijkertijd een van de meest irritante van alle taalergernissen. Want welke als betrekkelijk voornaamwoord (hoewel grammaticaal correct) maakt een erg stijve indruk. ‘We verkopen kozijnen, welke in vele verschillende materialen te koop zijn.’ In een dergelijke zin verander ik ‘welke’ direct in ‘die’. Zonder twijfel! Ook kom je ‘welke’ tegen als het verwijst naar een het-woord. En dan, beste mensen, dan is het sowieso fout!

‘Ik ben opzoek’

Een opvallende, die ik steeds vaker tegenkom. ‘Ik ben opzoek naar…’ Dat ‘opzoek’ komt natuurlijk van het werkwoord ‘opzoeken’. Maar het is toch echt: ‘ik ben op zoek naar een baan’.

Spaties tussen samenstellingen

Een klassieker: onjuist spatiegebruik. Er is zelf een platform voor opgericht (sowieso een tip om tijdens een moeilijke werkdag een glimlach op je gezicht te toveren), omdat het niet alleen mij maar ook veel andere taalgebruikers stoort. De neiging om een spatie tussen een samenstelling te proppen, neemt toe naarmate het woord moeilijker en langer wordt. ‘Laagste prijs garantie’ of ‘lange termijn planning’ zijn bekende voorbeelden. En laatst hadden we natuurlijk nog de ‚zwarte pieten discussie’. Dat moet natuurlijk gewoon ‘laagsteprijsgarantie’, ‘langetermijnplanning’ en ‘zwartepietendiscussie’ zijn (oké, Zwarte Pietendiscussie mag ook, hoewel we het daar misschien maar beter helemaal niet meer over kunnen hebben). En die kringeltjes onder het woord door mijn tekstverwerker dan, hoor ik je vragen. Die kun je negeren. Zelfs de hoogst opgeleide tekstverwerker weet ook niet dat samenstellingen in het Nederlands altijd aaneen worden geschreven.

‘Die’ als het ‘dat’ moet zijn

Het is bekend als het woordgeslacht in het Nederlands al geruime tijd aan het vervagen is. Voor ‘de’-woorden was dat te verwachten. Aan het lidwoord ‘de’ kunnen we immers niet zien of het een mannelijk of een vrouwelijk woord is. Maar het onzijdige woord is nog goed herkenbaar daar het lidwoord ‘het’. Toch zie ik het steeds vaker, ook in de communicatie van grote bedrijven, ‘een bedrijf die’, ‘een proces die’. Ook veelvoorkomend: naar een het-woord verwijzen met ‘hem’. ‘Ik heb gisteren een boek gekocht en vandaag heb ik hem gelezen’.

De haar-ziekte

Mogelijk nog frustrerender én hardnekkiger dan het bovenstaande is het misbruik van het bezittelijk voornaamwoord ‘haar’. Wanneer mensen pen of toetsenbord hanteren en gaan schrijven over hun bedrijf of website, dan wordt hiernaar steevast verwezen met ‘haar’. Jawel, geef het maar toe. Ook jij wilde het doen. Terwijl ‘bedrijf’ een onzijdig woord is, waarnaar je met ‘zijn’ zou moeten verwijzen. En ook een website is geen meisje. Kennelijk staat het gewichtig als je ‘haar’ mag schrijven bij je eigen organisatie. Mij zegt het alleen dat je niet genoeg van taal weet.

De hypercorrectie

Vroeger hoorde je vaak ‘groter als’, ‘beter als’ en ‘meer als’. Dat hoor je bijna niet meer. De als-zeggers kregen massaal op hun kop. Helaas zijn we hierin een beetje doorgeslagen. Zo ver dat sommigen denken dat vergelijkingen als ‘hetzelfde als’ en ‘twee keer zo veel als’ óók fout zijn. ‘Even groot dan’ moet ook gewoon ‘even groot als’ zijn. Het verschil tussen een vergrotende trap en een vergelijking gaat hier op. Weet je het even niet meer, kijk dan op Onze Taal. Daar staat het uitstekend uitgelegd.

Komma, komma

Ik lees regelmatig stukken waarvan de zinnen steeds maar worden verlengd met een komma. Een komma is op zich prima, maar af en toe snak je als lezer naar een rustpunt. Durf dan ook gewoon die punt te zetten. Punt. Zeker voor teksten op internet is dit belangrijk. Punt. Niemand wil dan een zin over drie regels lezen. Punt. Je kunt ook overdrijven. Punt.

Dat waren een paar van de taalzaken die we de laatste tijd vaak onder ogen kwamen. Heb jij ook bepaalde taalergernissen? Laat het me weten! En wil je je teksten professioneel laten redigeren, dan kun je natuurlijk ook bij Doyoucopy terecht. Maar dat wist je natuurlijk al.

Photo Credit

Lees ook nog even dit:

6 reacties op Taalkwesties die mij als tekstschrijver opvallen

  1. Aargh, die ‘opzoek’… vreselijk. En behoorlijk besmettelijk, want zelfs een collega-tekstschrijver mailde mij laatst ‘opzoek’ te zijn naar iemand die ook Engelse teksten schreef.

    Een klassieker waar ik me al jaren aan erger: me. Me vriend,me moeder, me werk en me huis. Tenenkrommend. De fout die op je foto staat (de bediening verteld u…) zie je de laatste tijd ook steeds vaker. Helaas.

  2. Verassen ipv verrassen, kom ik ook steeds tegen. Ik begin gewoon te denken dat het nieuwe spelling is. Als we het maar lang genoeg fout doen wordt het vanzelf goed gerekend.

    • Ja, die zou er inderdaad ook bij kunnen, Renske! En ik heb er nog meer. Misschien moet ik binnenkort maar eens een update van dit blogje plaatsen.

  3. Ook in deze tekst een foutje: Maar het onzijdige woord is nog goed herkenbaar daar het lidwoord ‘het’; dat moet waarschijnlijk door zijn. Taal is en blijft lastig en in haast maak je vaak voor de hand liggende typefouten en helaas ben ik af en toe blind voor mijn eigen fouten.
    Een vraag: met de hulp van (een mens, lijkt mij) en met behulp van (een voorwerp); ligt het aan mij of wordt er te pas en te onpas gekozen voor met behulp van?

    • Dank voor je reactie, Thérèse.

      ‘Met behulp van’ zou ik zelf niet snel kiezen als het over mensen gaat. Maar eigenlijk ook niet in de constructie waarin het over dingen gaat. Meestal kan het duidelijker en korter. Bijvoorbeeld: ‘Met een schroevendraaier heb ik het hek weer vastgezet.’ Hier volstaat enkel ‘met’ prima.

  4. Het is een kwestie van tijd dat ‘het’, ‘dit’ en ‘dat’ helemaal verdwenen zijn. Maar in Italië duurt het nog wel eventjes voor er maar één lidwoord over is 🙂

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *